Lonny de zanger

User Rating: 0 / 5

Star InactiveStar InactiveStar InactiveStar InactiveStar Inactive
 
Lonny de zanger
‘Hallo, hallo, is er iemand?’, klinkt het door het huis.
‘Hallo, hallo, ik ben het Lonny.’
Een jongen van 7 jaar staat voor de deur.
Hij klopt en zingt weer zijn liedje.
‘Hallo, hallo is er iemand? Hallo, hallo, ik ben het Lonny.’
Er klinken voetstappen door het huis.
Iemand zegt luid: ‘Ik kom Lonny.’
Lonny zingt terug: ‘Dat is goed mevrouw Korte, dat is goed.’
De deur gaat open.
Mevrouw Korte heeft een mand met vuile was in haar handen.
‘Ga je het kunnen dragen Lonny.’
Lonny zingt: ‘Geen probleem, dat ik het van u neem. Ik ben erg sterk want ik drink veel melk.’
‘Hier dan Lonny, breng dit voor mama.’
‘Ja mevrouw Korte, zij zal ze wassen en goed oppassen. Dan krijgt u uw kleren fris en schoon terug want ik breng ze op mijn rug.’ Lonny pakt al zingend het wasgoed van mevrouw Korte.
Hij zet de mand tegen zijn rug en slaat zijn armen eromheen.
Dan zet hij flink de pas erin.
‘Hup, hup hop, daar gaan we dan was. Straks was je was want dan wassen we je schoon en fris er gaat heus niks mis.’
Hij hoeft niet ver te lopen.
Hij stapt in de poort.
Zijn moeder staat op de stoep, ze hoorde hem al komen.
Ay, dit kind van haar hij is me een koekje.
Je kon Lonny altijd horen zingen.
Toen hij werd geboren klonk er al een liedje in zijn gehuil.
Hij huilde niet wah wah wah wah wah maar een deuntje.
wah wah wahwah wahawaha wahwah wah wah.
De dokter die hem haalde, luisterde met verbazing en zei dat Lonny zeker een zanger zou worden.
En werkelijk, Lonny zong de hele dag.
Vanaf hij een dreumes van een jaar was kon je ook verstaan wat hij zong.
Als hij brood lustte, zong hij: ‘Mama, mag ik een broodje, een broodje, een broodje. Mama, mag ik een broodje, een broodje met toespijs.’
Zelfs als zijn buik hem pijn deed zong hij: ‘Auauau, auauau., mama mi bere e hati mi. Mi frede, mi dede, mama mi bere e hati mi.’
Zijn moeder raakte gewend aan zijn manier van doen en begon hem liedjes te leren toen hij al kon praten.
Hij sprak eigenlijk nooit, hij zong altijd.
Bij de dokter hebben ze hem goed onderzocht.
Maar alles was normaal.
Ook de zielenknijper kon niks mis met hem vinden.
Ze zeiden wel allemaal dat er een grote zanger in Lonny school.
Zijn moeder was tevreden met dit antwoord en leerde Lonny alles wat zij wist over zingen.
Ze was erg arm en kon hem niet naar de muziekschool sturen maar dat zou later wel gebeuren toen Lonny naar school ging.
Op de eerste dag van de kleuterschool bracht zijn moeder hem naar school en vertelde de juf dat Lonny alles zong en nooit sprak.
De juf zei dat ze zou kijken wat ze met Lonny zou doen.
Hij kwam in de groep Vogels maar hij was de enige die zong.
Als de juf hem vroeg: ‘Lonny wat wil je vandaag doen?’
Zong hij:’ Zeg juf, mag ik verven, kleuren en knippen, plakken en zingen, buiten spelen is ook fijn, zou de pauze er al zijn? Misschien wil ik een boekje lezen, ik weet het niet, zou u het weten? Wat zal ik doen, geen idee, zou u het weten?’
De juf glimlachte dan en gaf Lonny een werkje om te maken.
Onder het werken zong Lonny fijne schoolliedjes of kerkliedjes of liedjes die zijn moeder hem had geleerd.
Meestal zong de hele klas mee.
De juf ook.
Soms luisterde de klas alleen maar terwijl Lonny zong.
Dan hoorde je alleen Lonny’s heldere stem in de klas.
Het fijne was dat de meeste mensen genoten van het gezang van Lonny.
Ze werden rustig, ze lachten en waren niet boos meer.
Lonny zelf vond niet altijd dat zijn stem goed klonk en hij wilde soms dat hij ook gewoon kon praten.
Maar elke keer als hij wat wilde zeggen werd het een liedje.
Toen hij 6 jaar oud was moest hij naar de leerschool.
Hij leerde snel mooi schrijven en zong alles wat hij las.
De leerkrachten waren al gewend aan Lonny.
Hij werd soms uit zijn klas gehaald om in een andere klas voor te zingen.
Lonny kon goed onthouden en leerde vlug iets.
Als hij een lied twee keer had gehoord kon hij het al zingen.
Maar Lonny kan ook goed luisteren.
Als de juf vertelt over taal en rekenen luistert Lonny stil en vol genot naar wat de juf vertelt.
Meestal volgen de andere kinderen zijn voorbeeld en is het muisstil  in de klas als de juf vertelt en uitlegt.
Als de juf klaar is gaan ze samen een lied zingen.
Soms is het gewoon een leuk liedje dat iedereen kent maar andere keren is het een lied over datgene dat de juf verteld had.
Lonny zong dan sommige keren zacht mee maar genoot meer van hoe zijn klasgenootjes zo mooi zongen.
Lonny is het enige kind van zijn moeder.
Zijn vader was naar Nederland vertrokken voor dat hij geboren werd en Lonny kende hem niet.
Zijn moeder verzorgde hem alleen omdat ze nooit meer iets van zijn vader hoorde of zag.
Ze had hem na Lonny’s geboorte een brief gestuurd om hem te zeggen dat hij een zoon had maar daar was nooit antwoord op gekomen.
Integendeel, ze had de brief teruggehad, het adres was niet goed.
Hmm, vreemd hoor.
Lonny was haar hele leven, ze deed alles om hem gelukkig te maken.
Haar werk was het wassen en strijken van wasgoed voor mensen.
Ze verdiende daar net genoeg mee om Lonny te eten te geven en hem naar school te sturen.
Vanaf ze jong was hield ze van zingen.
Het hielp haar door het leven en nam veel van haar verdriet weg.
Dus toen ze zwanger was van Lonny zong ze veel terwijl ze haar werk deed en zich voorbereidde op de komst van haar kindje.
Ze zeggen dat het kindje de stem van zijn moeder al in de buik kan horen.
Dus vanaf het kind in haar buik zit, hoort het kindje wat zijn mama zegt.
Misschien zong Lonny daarom, wie weet.
Op school wist het schoolhoofd onder welke omstandigheden Lonny leefde en besloot een beurs voor hem aan te vragen om op zang en muziekles te gaan.
Ze schreef een brief naar de minister van Onderwijs en belde met de muziekschool.
‘....dank u heer Minister, ik zal Lonny gauw vertellen dat hij naar muziekles mag.’ Trots vertelt het schoolhoofd aan Lonny en zijn moeder wat ze heeft kunnen doen voor hem. ‘Dus ik mag echt naar muziekles? Dank u juf, dank u juf, heel erg bedankt juffrouw!’ zingt Lonny blij.
Zo kon Lonny voortaan naar zang en muziekles op de muziekschool.
Zijn zangleraar luisterde met verbazing en verwondering naar hem en zijn gitaarmeester vond hem een vlotte leerling.
Toen hij zeven was leerde hij het notenschrift en binnen 3 lessen had hij door hoe hij noten moest lezen en schrijven.
Hij had wat nieuws geleerd en weet je wat hij met die kennis deed?
Hij begon liedjes te schrijven, te componeren.
Hij bleek een heleboel liedjes in zijn hoofd te hebben.
De hele dag hoorde hij liedjes in zijn hoofd, alleen als hij sliep was zijn hoofd rustig en stil.
Op school was hij echt een voorbeeldige leerling.
Vanaf hij zang en muziekles kreeg kon hij ook gewoon praten, al was er altijd een soort melodie in wat hij zei.
Je zou het ook kunnen zingen.
‘Lonny, wie was Cornelis van Aertssen van Sommelsdijck?’
‘Juf, dat was de eerste Surinaamse gouverneur, is dat niet zo?
Hij was een Hollander en zijn familie had ons land gekocht, samen met de stad Amsterdam en de West Indische Compagnie.
Toch, of ben ik verkeerd?’
‘Nee Lonny, je bent niet verkeerd, je hebt het juist, dat was die meneer.’
Ook buiten de school werd steeds meer bekend over die jongen die alles zong.
Lonny werd uitgenodigd om op evenementen te zingen.
Zo waren er voetbal- en andere sport wedstrijden waar hij het volkslied moest komen zingen.
Of er werd een show gegeven door een welbekende zanger of zangeres en hij mocht een paar liederen komen zingen.
Er werd een zangfestival gehouden waar hij als beste deelnemer werd gekozen.
Natuurlijk won hij de eerste prijs, een ticket naar Nederland.
Hij was toen 12 jaar oud.
Hij dacht er even over naar zijn vader te gaan zoeken in Nederland maar nadat hij een dag of wat had nagedacht besloot hij het reisbiljet aan zijn moeder te geven.
Misschien wilde zij naar zijn vader gaan zoeken.
Ze had daar geen behoefte aan en ze ruilden de ticket om voor geld.
Hij verdiende ook wat geld voor zijn optredens en dat gaf hij aan zijn moeder.
Lonny heeft net opgetreden in een show speciaal voor jongeren met talent. ‘Kijk mamma, dit is voor u.’ Lonny geeft zijn moeder 100 gulden. ‘Dit hebben ze mij gegeven mama. Dan kunnen we morgen lekker eten en die jurk kopen voor uw verjaardag.’ De moeder van Lonny omhelst haar zoon. Ze heeft tranen in haar ogen.’Je ben zo een lieve zoon. Je zorgt goed voor je moeder.’
Zodoende ging het stukken beter met hen, hij en zijn moeder.
Hij werd uitgenodigd om in Trinidad op een internationale zangwedstrijd te komen zingen.
Samen met zijn moeder vertrok hij naar Trinidad.
Alles ging goed tot hij aan de beurt was om te zingen.
Er brak een gevecht uit in de zaal.
Er ontstond paniek, iedereen wilde zo snel mogelijk de zaal uit.
Lonny wenkte de band en begon een rustig lied te zingen.
Eerst zacht tot iedereen stilstond en begon te luisteren toen zong hij wat luider.
De mensen gingen weer naar hun plaats en de vechtenden werden weggebracht.
De zaal was weer rustig en iedereen zong het einde van het lied mee.
Lonny won ook dit songfestival.
Bovendien kreeg hij een medaille voor zijn moedig optreden tijdens de onrust.
Hij kwam ook in de krant in Amerika en werd uitgenodigd om naar Hollywood te komen.
Ze wilden een film met hem maken en hem laten optreden in een grote show.
Zou hij gaan?
Hij besprak deze nieuwe kans met zijn moeder en zijn klassejuf.
Hij zat intussen in de tweede klas van de MULO.
Hij wilde muziekleraar worden en had ook wel gespeeld met een idee om zanger te worden.
Zou hij het ook kunnen combineren?
Allebei tegelijk doen, dat leek een goed idee.
Maar nu kwam er een andere keuze bij, hij kon naar Amerika.
Zijn klassejuf vond dat hij moest gaan, hij kon erg rijk en beroemd worden.
Zijn moeder moest even nadenken maar zou met hem meegaan al ging hij naar het einde van de wereld.
Alleen zou ze hem niet laten gaan, ze moest hem beschermen want hij was nog jong.
Zo ging hij in op het voorstel van de Amerikanen en na een paar onderhandelingen gingen Lonny en zijn moeder naar Hollywood.
Ze kregen een groot huis om te wonen en Lonny ging tussen het werken door naar school op de filmset.
Ze maakten een film over een arme jongen die goed gitaar kon spelen en zingen en toen rijk werd.
Het verhaal paste bij Lonny en hij had geen enkele moeite om de hoofdrol te spelen.
Zijn moeder ging altijd met hem mee en zorgde ervoor dat hij genoeg at, genoeg uitrustte en zijn lessen bleef leren.
Ook de show ging perfect.
Twee maanden trok Lonny door Amerika.
Elke dag zong hij in een andere stad.
Het was heel vermoeiend en de tijd vloog om.
Na een jaar werd hem nog een filmrol aangeboden maar intussen wilde hij graag terug naar Suriname.
Hij had veel geld verdiend in Amerika maar miste zijn vrienden en familie in Suriname zo erg dat dit hem niet kon schelen.
Van het concert werd ook een cd gemaakt.
Het verkocht redelijk maar Lonny wilde terug naar Suriname.
Nadat de cd 1.000.000 keren was verkocht mocht hij terug.
Zijn moeder en Lonny keerden terug naar Suriname.
Zijn moeder kocht een mooi huis in de stad en Lonny ging weer naar de MULO school.
Tussendoor trad hij op in allerlei shows en televisieprogrammas, maar zijn school stond op de eerste plaats.
In de vakanties ging hij op reis, door Amerika, door het Caraïbisch gebied en door Europa.
Ook in Nederland hadden ze zijn cd gehoord en wilden hem graag zien.
Toen hij in de vierde MULO zat ging hij voor het eerst naar Holland.
Op een van zijn optredens in Zaandam kwam een meneer naar hem toegelopen.
‘Weet je... Lonny je bent mijn zoon.’
Het was zijn vader.
Lonny dacht niet lang na en sloot zijn vader in zijn armen.
‘Papa, ik heb je zo gemist, waar was je al die tijd?’
Zijn vader had het een en ander meegemaakt in zijn leven maar hij wist van Lonny’s bestaan.
Het speet hem heel erg dat hij nooit contact had opgenomen maar hij had geen hoop willen wekken bij Lonny en zijn moeder.
Lonny’s moeder was geschokt maar vond het goed dat Lonny zo spontaan deed.
Ze gingen na deze reis terug naar Suriname en hielden het contact met de vader van Lonny.
Die kwam na 16 jaar voor het eerst terug om zijn zoon te zien zingen.
De vader van Lonny zat naast Lonny’s moeder. Hij greep haar hand vast toen Lonny klaar was met zingen. ‘Je hebt een engel gemaakt meisje. Ik kan mezelf niet vergeven dat ik jullie in de steek heb gelaten maar als jullie het goed vinden wil ik wel in jullie leven terugkeren.’ Lonny’s moeder luistert stil. ‘Als Lonny wil zal hij in contact met je blijven. Ik vergeef je wel maar Lonny en ik hebben het altijd gered samen. Weet je wat, kijk wat je doet. Lonny is ook jouw zoon.’ Lonny komt bij zijn ouders na de show. Hij omhelst ze allebei en zegt dat hij blij is zijn vader dicht bij hem te hebben. ‘Ga niet meer weg papa. Ik heb je zo gemist.’
Nadat hij zijn MULO examen had gehaald besloot Lonny naar Amerika te gaan. Julliardts, een hele beroemde school voor kunst, had hem uitgenodigd bij hen te komen studeren.
Dat was een grote eer.
Hij mocht gelijk beginnen met leren en ook met optreden.
Na het eerste jaar gaf hij een grote show met zijn medestudenten.
Van deze show werd ook een cd gemaakt.
Het verkocht heel goed en Lonny maakte nog een cd met eigen liedjes.
Hij maakte ook videoclips van zijn liedjes.
Het werd een groot succes en al snel had hij een grammy gewonnen voor beste beginnende artiest.
Lonny werd wereldberoemd maar vergat nooit waar hij vandaan kwam.
Hij heeft opera’s en musicals geschreven, een heleboel concerten gegeven en is heel rijk geworden.
Vandaag is hij een grote ster.
Hij woont in Suriname met zijn moeder en gezin en hij zingt elke dag.
De jongen die alles kon zingen is nu een man die alles zingt.

Print Email